Dit is het verslag dat Gerrit ons toestuurde over zijn geslaagde Dodentocht 2008
Opnieuw uniek !
Zaterdagavond 9 augustus 2008 omstreeks 21.00u. Ik kan mijn ogen nauwelijks geloven wanneer ik de preventieve tape van mijn voeten en tenen haal. Deze compleet
intacte voeten (let wel: enkel en alleen mijn VOETEN !) zouden nog een dodentocht aankunnen ! Kiné Marc ‘Magic’ Luyckx heeft het hem weer gelapt. Mijn
dankbare glimlach is zowat de laatste inspanning van de dag, voor ik uitgeput en met lichte koorts onder de wol kruip…Een dodentocht stap je nooit alleen.
Alhoewel. Ondanks mijn meer dan 9600 compagnons zit ik een dag eerder toch maar wat eenzaam aan de start. Het spijtige afhaken van ‘Polle Vagant’ is natuurlijk
de belangrijkste oorzaak, maar ook mijn twee jeugdige medestappers Jonas en Stijn raken niet tot bij mij aan de start. Naast mij steekt een wat oudere man zijn
zoveelste sigaartje op, de zoveelste grijze walm in mijn gezicht. Ik kan een lichte irritatie niet onderdrukken…
Twee en een half uur later klinkt eindelijk het bevrijdende starschot. De eerste doortocht door Bornem levert gelukkig wat bekende gezichten op: een oude
voetbalmakker, een oude voetbaltrainer, mijn collega Daan en tenslotte Bert, één van onze belangrijkste begeleiders en tevens vader van Jonas.
Eén van de kunsten bij het stappen van de Dodentocht is het zich focussen op korter bijliggende doelen. Mijn eerste doel ligt op pakweg 16km, na de lus
rond Bornem en een bijzonder vroege eerste ‘appelflauwte’ (oei !). Op zoek naar mijn begeleiders (echtgenote, schoonfamilie en Bert) en de eerste
‘wandelende tak’, Jack (hier liefst luidop lezen voor het mooie, krachtige eindrijm).
Jack, oud-collega en drijvende kracht achter Fifala, het Mali-project waarvoor Polle en ik een stevig sponsorbedrag hebben binnengehaald, past zich moeiteloos aan
aan het stevige tempo. Onze geanimeerde gesprekken en de geweldige atmosfeer op en rond het parcours doen de tijd vliegen en jagen ons tempo de hoogte in.
Zodanig zelfs dat Jack zich genoodzaakt ziet de aflossende ‘tak’, oud-collega Paul, vroeger uit zijn bed te zetten. Dat levert de nodige praktische problemen op.
Jack stapt nog mee tot aan brouwerij Duvel (tactisch sterk, die Jack) zonder aflossing van Paul, maar niet getreurd: ondertussen zijn we Jonas en Stijn, die al een
tijdje voorop liepen, bijgebeend en gedrieën gaan we de ochtend tegemoet.
Kort voor de volgende stop, brouwerij Palm, staat Paul mij uiteindelijk toch op te wachten. Een niet onbelangrijk moment want we naderen het bord van de 50km
en de eerste fysieke en mentale moeheid steekt de kop op. Schoonvriend Johan en Bert merken dat ook en trachten ons tijdens een eerste echte pauze op te
peppen.
De tocht naar Merchtem, zoals Paul zal beamen een prachtig parcours, vooral tijdens het ochtendgloren, ontpopt zich als een ware ‘highway to Hell’. De afstand
tussen Jonas’ neus en de stapweg wordt steeds kleiner, Stijn zet zijn blik op oneindig en ook mij lijkt de spreekwoordelijke ‘man met de hamer’ te vergezellen.
Daarmee bedoel ik dan uiteraard niet oud-collega Paul. Aanvankelijk probeert hij ons nog te wijzen op het prachtige landschap dat voor onze ogen ontwaakt, maar
al vlug merkt hij dat een empathische stilte een belangrijke steun is om ons bij het volgende doel te krijgen.
En dat lukt, maar de schade is nauwelijks te overzien. Jonas en ik hebben even nood aan een pijnstiller om de spierpijn een tijdje te verlichten. Ook mijn maag laat
het volledig afweten en om de gedachten te verzetten ga ik op zoek naar (oud-)collega’s die hier de bevoorrading verzorgen. Zoals steeds is het een welkome
afleiding en worden hun aanmoedigingen in dank aanvaard.
Wie ook trappelend van ongeduld in Merchtem staat, is de derde ‘tak’, oud-collega Hugo. Dat hij door verscheidene sympathisanten vroeger uit zijn bed is gehaald,
is niet te merken aan zijn humeur. Onmiddellijk volgt de ene kwinkslag de andere op. Paul weet echter in welke schabouwelijke toestand de drie stappers zich
bevinden en uit voorzorg besluit hij nog een etappe mee te stappen. Twee extra stappers, een prachtige ochtend en de werking van de pijnstiller doen wonderen.
Ik voel mijn krachten en mijn spraakzaamheid terug toenemen en ook Jonas en Stijn vinden een tweede adem. De gesprekken met Paul en Hugo doen mij niet meer
denken aan meters of kilometers en, moeiteloos halen we de 65km.
Uitgebreid afscheid nemen van Paul en samen met Hugo op weg naar de 75 (km uiteraard, over leeftijden gaan we geen grapjes maken). Jonas vindt zijn heil in
muziek en af en toe een looppas inzetten en is al gauw in geen velden of wegen meer te bespeuren. De variatie in de gesprekken met Hugo (van diepernstig tot
hilarisch) is enorm en wanneer ook de piepjonge Stijn met hem een gesprek aanknoopt, zijn weer extra banden gesmeed. Ondertussen treffen Johan en ik in
Opdorp onze vrouwtjes aan en ook voetbalmakker Noël en zijn broer komen ‘live’ ondersteuning brengen.
In Lippelo, na 3/4 van de tocht, neemt de laatste ‘wandelende tak’ afscheid. Hugo heeft duidelijk genoten en zoals een goede aalmoezenier betaamt, spreekt hij ons
nog wat bemoedigende woorden toe.
Johan neemt zijn taak over en probeert de gesprekken levendig te houden. Wat ik echter in dit stadium niet meer verwacht had, gebeurt toch nog. De ‘man met de
hamer’ slaat nogmaals snoeihard toe. Mijn bovenbenen verkrampen, mijn maag slaat dubbel en bij momenten voel ik een ongezonde ijlheid in het hoofd. Ik wil niet
toegeven, maar bij de volgende etappe merkt mijn vrouwtje Tine dat het van kwaad naar erger gaat en achter een bosje moet ik even meer dan alleen maar naar
lucht happen. Een nieuw opkikkertje, een zoveelste sportdrankje, nog maar een druivensuikertje, en samen met Tine sleep ik mij naar kilometer 90. En ik ben niet
alleen. Rondom ons zie we soms nog licht verontrustende taferelen en in Sint-Amands blijkt dat ook Jonas en Stijn in een volgende dip zitten en even een adempauze
nemen. Van opgeven is nu echter geen sprake meer, we moeten en we zullen…
Op de anders zo verschrikkelijke dijk richting Branst vind ik toch een allerlaatste adem. Mijn gesprekken met Johan zijn nu terug onder de categorie ‘dialoog’ te
plaatsen en zonder al te veel kleerscheuren beginnen we aan de laatste vijf kilometer. Ook qua weer overlopen we even de tocht en we komen tot de conclusie
dat dit één va de mooiste zomerdagen van 2008 moet geweest zijn.
En dan, voor de zesde maal, de laatste 500 meter. Alle spierpijn is (even) weg en op de inmiddels vaste stek staan familie en vrienden. Voor Fifala en ‘Polle Vagant’,
zo voel ik het aan en dat zeg ik hem ook.
Maar korte tijd later volgt nog een emotioneel moment: Stijn kent het triomfantelijke gevoel voor de tweede keer, maar na twee mislukte pogingen kan ook Jonas
eindelijk uitgebreid genieten van dit onbeschrijfelijk moment. Wanneer vader en zoon elkaar met betraande ogen in de armen vallen, kijken heel wat bevriende
omstaanders even weg om zelf een traan weg te pinken. Pure emotie, het is deze schrale TV-tijden het mooiste wat er is…
Vrienden, nogmaals bedankt, een dodentocht stap je nooit alleen !
Gerrit
Hier zijn officiêle tijdsregistratie
Gerrit Vosters - 1813
Afgelegde afstand: |
100 |
Gemiddelde snelheid: |
5,0 km/u |
Volgende controlepost: |
n.v.t. |
Geschatte aankomsttijd: |
n.v.t. |
|
Controlepost |
Afstand |
Tijd |
Km/u |
|
1 |
Start (Kruisberg) |
1,13 |
21:01 |
|
|
2 |
Weert - Kerk |
8,06 |
22:19 |
5,3 |
|
3 |
Bornem - Landhuis |
14,63 |
23:18 |
6,7 |
|
4 |
Roddam - Friesland Foods |
17,32 |
23:49 |
5,2 |
|
5 |
Wintam - Kerk |
26,78 |
01:26 |
5,9 |
|
6 |
Ruisbroek - School |
32,22 |
02:24 |
5,6 |
|
7 |
Breendonk - Duvel |
41,1 |
04:15 |
4,8 |
* |
8 |
Steenhuffel - Palm |
50,34 |
06:11 |
4,8 |
* |
9 |
Merchtem - Sporthal |
58,18 |
07:49 |
4,8 |
|
10 |
Buggenhout - Sporthal |
66,21 |
09:49 |
4,0 |
|
11 |
Opdorp - School |
71,03 |
10:41 |
5,6 |
|
12 |
Lippelo - School |
75,73 |
11:42 |
4,6 |
|
13 |
Puurs - Sporthal |
80,78 |
12:47 |
4,7 |
|
14 |
Oppuurs - De Mispel |
85,09 |
13:55 |
3,8 |
|
15 |
Sint-Amands - School |
90,12 |
14:55 |
5,0 |
|
16 |
Branst - Zates |
94,56 |
15:44 |
5,4 |
|
17 |
Aankomst |
100 |
16:52 |
4,8 |
|